Zij zeiden: Wij komen gehoorzaam aan uw bevel. En hij vormde die in zeven hemelen in twee dagen, en openbaarde aan iederen hemel zijne verrichting. En wij tooiden den lageren hemel met lichten, en plaatsten eene wacht van engelen daarin. Dat is de beschikking van den machtigen, den wijzen God.
Tafseer
{ فقضاهنَّ } الضمير يرجع إلى السماء لأنها في معنى الجمع الآيلة إليه، أي صيَّرها { سبع سماوات في يومين } الخميس والجمعة فرغ منها في آخر ساعة منه، وفيها خلق آدم ولذلك لم يقل هنا سواء، ووافق ما هنا آيات خلق السماوات والأرض في ستة أيام { وأوحى في كل سماءٍ أمرها } الذي أمر به من فيها من الطاعة والعبادة { وزينا السماء الدنيا بمصابيح } بنجوم { وحفظاً } منصوب بفعله المقدَّر، أي حفظناها من استراق الشياطين السمع بالشهب { ذلك تقدير العزيز } في ملكه { العليم } بخلقه .
{Zo voltooide Hij ze} Het voornaamwoord verwijst naar de hemelen omdat het in de meervoudsvorm staat die ernaar verwijst, d.w.z. Hij maakte ze {zeven hemelen in twee dagen} op donderdag en vrijdag, die Hij in het laatste uur ervan voltooide, en daarin werd Adam geschapen, en daarom zei Hij hier niet hetzelfde, en wat hier staat, komt overeen met de verzen over de schepping van de hemelen en de aarde in zes dagen {En Hij openbaarde in elke hemel zijn gebod} dat Hij degenen die erin waren gebood tot gehoorzaamheid en aanbidding {En Wij versierden de laagste hemel met lampen} met sterren {en bescherming} staat in de accusatief met het impliciete werkwoord, d.w.z. Wij beschermden hem tegen de duivels die het gehoor afluisterden met vallende sterren {Dat is het besluit van de Almachtige} in Zijn koninkrijk {de Alwetende} van Zijn schepping.